Wilhelminastraat (4)
Tonnie
Afbeelding 7
Afbeelding 8
(foto hiernaast) Afbeelding 8

De toegangspoort naar de Pieter Langendijkschool aan de Rhijnvis Feithstraat
.


De typische geur van asfalt kan ik zelfs nu nog steeds in mijn geheugen oproepen. Onder de poort door naar een binnenpleintje met houten schuttingen. Daar waren de gescheiden toegangsdeuren naar kleuter- en lagere school. Ik meen mij te herinneren dat ik in het laatste schooljaar in een noodgebouw op hetzelfde terrein heb gezeten.
Pagina 4
Ook diefie met verlos was in trek. De regels zo die er waren zijn mij niet meer bekend. Wel weet ik mij te herinneren dat veel buurjongens en meisjes hieraan deelnamen en dit vaak uitliep op te laat thuis komen met de gevolgen van dien.
Wij speelden met hele groepen kinderen op het Staringplein (afbeelding 6b)

En niet te vergeten het ‘vader en moedertje’ en ‘doktertje’ spelen. De eerste kinderlijke aanzet tot verkenning tussen meisje en jongetje. Meestal onder in het trappenhuis. Waarbij ik wel denk dat deze vrij onschuldige verkenningen meer in de grote stad als op het platte land voorkwamen.

Ook werd er in ons portiek een touw gespannen waarover een oude deken werd gespannen waar mijn broer Tonnie en ik poppenkastvoorstellingen gaven. De belangstelling was groot, de kinderen zaten op de stoep tot aan de rijweg. In de ingelaste pauze werden onze toeschouwertjes op door bakker Res gedoneerde afsnijresten van cake getrakteerd.
(foto hiernaast) Afbeelding 6b

Het Staringplein, een van de speelpleinen in mijn jeugd.
De vijftiger jaren eisen hun tol. De in werking zijnde bestedingsbeperking in combinatie met weinig vakantiezon om dat daar nou juist geen geld voor is, veroorzaken ondergewicht en bleke smoeltjes bij typische stadskinderen. Zo ook ik. Mijn ouders besluiten in overleg met de huisarts om gebruik te maken van de door de kerk geboden mogelijkheid om bij de nonnen aan te sterken. Mijn reisdoel voor een periode van zes weken heet Horst in Limburg. Na een verblijf van zes weken in een klooster (afbeelding 7) met dagelijkse verplichte inneming van levertraan resulteren in een negatief spiraal. Na zes weken blijk ik in gewicht afgevallen in plaats van aangekomen te zijn.
 
 
Afbeelding 7
Het voormalige nonnenklooster in Horst, Limburg. Thans omgebouwd tot luxe appartementen. Rechts het aangebouwde schoolgebouw
(foto rechtsboven) Afbeelding 7
De volgens mijn ouders getoonde schijnheiligheidwas hen teveel geworden. Deze gebeurtenis hield niet dat in het bijzonder mijn moeder ongelovig geworden was. In latere jaren ging zij nog steeds met andere moeders bij de zusters in retraite. Dat staat mij nog goed bij. Zo gezegd kwam ik terecht op de Openbare Lagere School genaamd Pieter Langendijkschool (afbeelding 8) gevestigd aan de Rhijnvis FeithstraatVolgens een  recente uitspraak van mijn oudste broer Chris in de volksmond De "Duitse school" genaamd. In deze school was in de oorlog een dependance van de moffen gevestigd. Gelet op mijn toenmalige leeftijd kan ik mij uit die tijd veel herinneren.
Hier doe ik mijn eerste ervaring in mijn leven met het fenomeen ‘douchen’ op. Ondanks mijn tegenspartelen word ik zonder tegenspraak hardhandig door een non eronder geduwd. Ik dacht werkelijk dat ik ging stikken. De schrik enerzijds en het blijven doorademen anderzijds was even in het geding. Maar zoals u merkt ben ik er nog. Zonder verdere negatieve invloed. Maakt u zich geen zorgen, ik douche nog steeds. Medeslachtoffers van deze goed bedoelde aansterk pogingen lieten mij weten dat ik ’s nachts lag te huilen.
Ik kon immers niet van huis, weet u nog wel! Ondanks mijn enigszins beschadigde ziel kan ik mij herinneren dat bepaalde dagactiviteiten mij boeiden. De prachtige natuur bestaande uit onder andere een zandheuvel in Horst welke op loopafstand van het klooster lag, deed mij goed.

De nonnen adviseerden na zes weken mijn ouders dat gelet op de te geringe gewichtstoename er nog zes weken aan vast te knopen. Ik zou dan met Kerst niet thuis zijn. Dat ging mijn ouders gelukkig ook te ver en reisde zelfstandig terug naar Amsterdam. Zelfs nu dat ik dit opschrijf zie ik die treinreis nog voor me. Zo’n jochie helemaal alleen vanuit dat verre Limburg. De ontvangst op het in mijn kinderogen immense Centraal Station geven mij tot op heden ten dage nog steeds warm gevoel.
Een aantal jaren geleden kon ik mijn nieuwsgierigheid niet onderdrukken om naar dit klooster op zoek te gaan. Een tegenvaller was te moeten constateren dat het gebouw inmiddels uit appartementen bestond en de nonnen of overleden waren of elders woonden. Klaarblijkelijk had ook in Limburg de ontkerkelijking toegeslagen. De eerder genoemde heuvel bleek een stuk lager te zijn dan in mijn herinnering. Maar hoe dan ook prettig om terug te zien na zoveel jaren.
En dan plotsklaps een breuk met de katholieke kerk. Voor zover mij kan herinneren was de aanleiding het onthouden van een loffelijk ontslag voor mijn broer Robby. Dit in de aanwezigheid van overige ouders die wél een dergelijk loffelijk ontslag voor hun kind kregen uitgereikt.
Afbeelding 6b